
Arnhem, 8 augustus 2026
Op 7 augustus 2026 heeft de rechtbank Den Haag een besluit van de overheid vernietigd om een reden die iedere auto-importeur aangaat: de overheid weigerde inzicht te geven in de werking van het algoritme dat bij de besluitvorming was betrokken. De uitspraak (ECLI:NL:RBDHA:2026:22096) gaat over een asielzaak, maar de spelregels die de rechter formuleert gelden voor ieder bestuursorgaan dat algoritmes gebruikt. Dus ook voor de Belastingdienst, die BPM-aangiften laat beoordelen door het geheime selectiesysteem “BPM Wegenrisico’s”.
Wat besliste de rechter?
De zaak draaide om CaseMatcher, een zoekprogramma van de IND. De rechtbank vroeg de minister herhaaldelijk om de regels en wegingsfactoren van dat systeem over te leggen. De minister weigerde, tot en met een expliciete weigering nadat de rechtbank een laatste herstelkans had geboden. De meervoudige kamer trok daaruit vier conclusies die er niet om liegen:
- De enkele stelling van de overheid dat het algoritme “niet is gebruikt” houdt geen stand zonder documenten die dat aantonen. De bewijslast ligt bij de overheid, niet bij de burger.
- Verklaringen van experts en de softwareleverancier over wat het systeem “is”, zijn onvoldoende. De rechter wil de regels zelf zien: hoe wordt gerangschikt, welke wegingsfactoren, hoe vastgesteld, met welke technieken.
- Zolang dat inzicht ontbreekt, kan de rechter het besluit niet toetsen. Dat is een motiverings- en zorgvuldigheidsgebrek dat tot vernietiging leidt.
- Ook als de overheid het algoritme niet gebruikt, moet zij dat voortaan onderbouwen.
De rechtbank benoemde daarbij uitdrukkelijk waarom dit zo streng moet: anders zou iedere overheid met de simpele mededeling “geen AI-systeem” aan rechterlijke controle kunnen ontsnappen.
En de BPM dan?
CaseMatcher is slechts een zoekhulpmiddel dat een medewerker handmatig bedient. Het BPM-systeem van de Belastingdienst gaat aanzienlijk verder. Uit documenten die de Belastingdienst zelf via de Wet open overheid heeft moeten vrijgeven, blijkt het volgende.
Naheffingen worden geautomatiseerd aangemaakt. In een interne memo over de werkwijze per 1 januari 2023 schrijft de Belastingdienst dat posten “op basis van periodieke query’s” worden gedetecteerd en “geautomatiseerd opgevoerd in Workflow, zonder dat deze voorafgaand door de medewerkers aangiftebehandeling hoeven te worden beoordeeld”. Zelfs de berekening van de naheffing wordt geautomatiseerd aangeleverd; de behandelaar hoeft “alleen nog maar te beoordelen of deze juist is” (Woo-document 346537).
De regels zijn bewust geheim. Uit de vrijgegeven weegregel-memo’s blijkt dat de Belastingdienst de selectieregels opzettelijk “dynamisch en flexibel” houdt, zodat de branche geen zicht krijgt op de parameters en het systeem “onvoorspelbaar naar de markt” blijft (Woo-documenten 334001 en 334010). Waar de ondoorzichtigheid in de CaseMatcher-zaak mogelijk nalatigheid was, is zij hier gedocumenteerd beleid.
Er is geen privacytoets uitgevoerd. De Belastingdienst heeft schriftelijk erkend dat er geen gegevensbeschermingseffectbeoordeling (DPIA) bestaat voor het BPM-algoritme (besluit van 25 april 2025, kenmerk JAK25/012, bevestigd in de beslissing op bezwaar van 29 augustus 2025). Zo’n toets is bij geautomatiseerde risicoselectie in de regel verplicht op grond van artikel 35 AVG; de Autoriteit Persoonsgegevens stelde in 2025 zelf vast dat de Belastingdienst bij minder dan 10% van zijn ruim 100 selectie-instrumenten een DPIA had uitgevoerd.
“Uw aangifte is onjuist”: zegt wie eigenlijk?
Wie een naheffing krijgt, ontvangt eerst een kennisgeving waarin staat dat de aangegeven BPM “lager is dan ik heb berekend”. Die formulering wekt de indruk van een persoonlijke beoordeling door een inspecteur. De eigen stukken van de Belastingdienst laten een ander beeld zien: de detectie komt uit een script dat verschillen tussen de aangifte en de RDW-data constateert, en de berekening wordt geautomatiseerd aangeleverd.
Nog scherper ligt het bij de kwalificatie “kennelijk onjuist”. Dat is in de interne behandelinstructie gedefinieerd als “opzettelijk foutieve aangifte doen (bewust)”: een beschuldiging van opzet, waarbij ook een boete kan worden opgelegd. De criteria op basis waarvan een aangifte dit stempel krijgt? Die zijn in de vrijgegeven behandelinstructie integraal zwartgelakt. De aangever die deze brief ontvangt, kan dus niet controleren waarom hij van opzet wordt beticht, en de instructie zelf beschrijft dat de behandelend medewerker beoordeelt “op basis waarvan desbetreffende aangifte als kennelijk onjuist is aangemerkt”: de kwalificatie is dan al gegeven.
Precies voor deze situatie heeft de rechtbank nu de maatstaf gezet: het bestuursorgaan moet met stukken aantonen hoe de kwalificatie tot stand kwam. Kan het dat niet, dan moet het ervoor worden gehouden dat het algoritme mogelijk beslissend was, en is het besluit niet toetsbaar.
Wat kunt u doen als autobedrijf of importeur?
Krijgt u een kennisgeving of naheffing uit het BPM-selectiesysteem, dan is dit het moment om in bezwaar niet alleen over de waarde te discussiëren, maar ook de totstandkoming van de selectie en de berekening aan de orde te stellen. Vraag de inspecteur om de stukken waaruit blijkt dat een medewerker uw aangifte daadwerkelijk inhoudelijk heeft beoordeeld voordat de naheffing werd aangemaakt, en om de regels op basis waarvan uw aangifte is geselecteerd. De uitspraak van 7 augustus geeft de bestuursrechter een helder kader voor wat er gebeurt als die stukken uitblijven.
S-TAX en Stichting ROTA voeren op dit moment meerdere procedures over BPM Wegenrisico’s: een bezwaarprocedure bij de Autoriteit Persoonsgegevens, Woo-procedures om de weegregels en de selectiecriteria boven tafel te krijgen, en beroepsprocedures bij de rechtbank Gelderland. Op 8 augustus 2026 is bovendien een nieuw Woo-verzoek ingediend dat exact de documenten opvraagt waarvan de rechtbank heeft geoordeeld dat een overheid ze moet kunnen tonen. Wordt u zelf geconfronteerd met een naheffing uit dit systeem, neem dan contact met ons op.
Naheffing uit het BPM-selectiesysteem ontvangen?
Leg uw zaak aan ons voor, dan kijken wij mee naar de selectie en de berekening.
Zelf lezen
Transparantie werkt twee kanten op. Daarom publiceren wij onze eigen stukken gewoon:
Kanttekening: tegen de uitspraak van 7 augustus 2026 staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; de termijn daarvoor loopt op het moment van publicatie nog. Wij volgen de status en werken dit artikel bij zodra daarover duidelijkheid is.
Bronnen: Rb. Den Haag 7 augustus 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:22096; tussenuitspraak 7 mei 2026; Woo-documenten Belastingdienst 346537, 334001, 334010, 346407 (openbaar via Woo-besluiten van 25 april en 29 augustus 2025); Algoritmeregister publicatie 75246482.
S-TAX Auto-Taxaties
Deurnestraat 15, 6843 PM Arnhem
info@s-tax.nl · 06 5435 0254 · www.s-tax.nl
Een S-TAX-taxatie wordt opgesteld conform artikel 110 VWEU en de geldende wet- en regelgeving. S-TAX blijft als onafhankelijk taxatiebureau buiten bezwaar- en beroepsprocedures; de Woo- en AP-procedures over BPM Wegenrisico’s zijn een zelfstandig initiatief van Stichting ROTA.
Zelf uw BPM berekenen of een taxatie aanvragen?
Bereken gratis uw rest-BPM met onze calculator, of vraag direct een BPM-taxatie aan bij een ROTA-erkend taxateur. Rapport binnen 24 uur, juridisch verdedigbaar.
